|
|
ARRAS / ATRECHTDAG 4 (Hele dag)Om tien uur de trein in. Nog voor elf uur bereik ik Arras, Atrecht in het
Nederlands. Het is een oude stad in de provincie Artois, in de Gallisch-Romeinse
tijd Nemecatum geheten. Op het stationsplein valt meteen het Monument voor de
Grande Guerre (WO I) op (37). Ook hier zijn weer veel straten naar Engelstalige
toponiemen genoemd, bijvoorbeeld het Place Ipswich waaraan de episcopaalse kerk
ligt. Ik kom uit op het magnifieke Place des Héros (38), waar net een nieuwe
bestrating wordt aangelegd. Aan het einde ervan ligt het aantrekkelijke Hotel de
Ville (39) met een bekende Beffroi en een gotische hal (41)Met mijn City Card
zou ik gratis de toren mogen beklimmen (inclusief lift!) en de ondergrondse
gewelven bezoeken, maar daar zie ik vanaf. Ik haal er wat infomateriaal op. Het
plein maakt een evenwichtige indruk, alle gildehuizen hebben een gelijke hoogte
en zijn in dezelfde middeleeuwse stijl van de Vlaamse barok van rond 1580
gebouwd (40). Uiteraard is het er tamelijk toeristisch, de vele restaurantjes
maken een prijzige indruk (42). Vlak ernaast ligt de wel zeer uitgestrekte
Grande Place die eveneens een harmonieuze indruk maakt (63). De kasseien zijn er
ongelijk, wat het lopen bemoeilijkt. Leuk de voor mij geparkeerde miniraceauto
van een oude gentleman (43). Ik drink er mijn eerste koffie op een terras.
Slide show van Arras
Groen heuvelland Het heuvelland van Artois vormt de scheiding tussen Picardië en het Vlaamse laagland.
De heuvels in Artois zijn vrijwel nergens hoger dan 200 m. Van de door erosie van het kalkgesteente ontstane inzinking in de streek Boulonnais lopen ze door tot aan de Ardennen. Hier en daar zijn kleine karstplateaus te voorschijn gekomen. Het departement Pas-de-Calais, dat in 1790 is opgericht, omvat behalve de vroegere Franse provincie Artois ook Boulonnais, Calaisis, Montreuillois, het westelijk deel van de Vlaamse kuststreek en, tussen Saint-Omer en Lens, de zuidrand van het Vlaamse binnenland. Het gebied valt uiteen in twee delen. De heuvels in het landelijk zuiden, die worden ontsloten door de valleien van de Canche en van de Authie, strekken zich uit tot aan de Vlakte van Arras. Ze sluiten zonder overgang aan op Picardië. Naast graslanden is er in het oosten veeteelt, graanbouw en suikerbietenteelt. In het noorden van het gebied komen veel leemlagen voor. Het terrein loops glooiend of naar het Vlaamse laagland en de steenkool komt aan de oppervlakte op de rechteroever van de Lys (Leis / Leie) aan de rand van het "zwarte land", dat zich uitstrekt van Bethune tot Valenciennes.
CIJFERS Oppervlakte: circa 4500 km2 / Bevolkingsdichtheid: 215 inw./ km2 (Pas-de-Calais) Gemiddelde hoogte: 100 tot 200 m Hoogste punt: 211 m (berg Hulen)
Een platgetreden streek Tussen de bakstenen huizen in het steenkoolbekken bieden kastelen en gedenktekens het nodige evenwicht.
MARKTPLEIN VAN ARRAS / ATRECHT
BRONNEN VAN INKOMSTEN Gewassen: weidegras, graan, suikerbieten. Veeteelt: runderen, varkens. Industrie: staal, steenkoolchemie, raffinage, geneesmiddelen, kunststoffen.
Artois werd in de 5e eeuw veroverd door de Franken en vormde in de tijd van de Karolingers een deel van het graafschap Vlaanderen. Door een ingewikkeld spel van huwelijken en erfenissen kwam het in 1223 bij het koninkrijk Frankrijk. Daarna viel het toe aan de Bourgondiërs en later aan de Habsburgers. Na een lange twist werd het in 1659 uiteindelijk toegewezen aan Frankrijk. Tijdens de Revolutie werd Artois opgenomen in het departement Pas-de-Calais waarvan Arras (Atrecht) de hoofdstad werd. Na 1847 zorgde de steenkoolwinning voor een snelle economische groei, die door de aangrenzende gebieden met jaloerse blikken werd gadegeslagen. Overal in de streek herinneren huiveringwekkende gedenktekens aan de bittere veldslagen die er tijdens de Eerste Wereldoorlog hebben plaatsgevonden. De steden in de streek, die eerst grote landbouwmarkten waren, hebben zich later uitgebreid met buitenwijken en industriegebieden. Nadat een einde was gekomen aan de kolenwinning heeft de streek een moeizame omschakeling doorgemaakt, die tegenwoordig zorgt voor problemen als vervuiling en leegstaande fabrieken.
BEZIENSWAARDIGHEDEN Het panorama vanaf de berg SaintEloi, de nationale begraafplaats Notre-Dame de Lorene, het Canadese gedenkteken ter herinnering aan de slag bij Vimy, de kastelen van Olhain en Barly.
WETENSWAARDIGHEDEN Franse provincie in de regio Nord-Pas-de-Calais Hoofdstad: Arras (40.000 inwoners, agglomeratie 80.000 inwoners) Belangrijkste steden: Lens, Bruay, Lievin
KLIMAAT Gematigd. Gemiddelde temperaturen: 0 - 5° C in januari, 12 - 22° C in juli
|