|
|
OPNIEUW ISTANBUL
Fotopagina
Istanbul /
Meer info over Istanbul 1 /
Meer info over Istanbul 2 /
|
Verboden plaats ingenomen
Af
en toe maakte ik ter afwisseling een wandeling door de trein.
Steeds bezocht ik hierbij het toilet om het opgehoopte slijm in keel en
luchtpijp te verwijderen. Ook
zocht ik vaker de restauratiewagen op waar ik dan koffie dronk.
Een keer veroorzaakte ik moeilijkheden vanwege een zitplaats die
zogenaamd bezet was, maar wat in
feite niet zo bleek te zijn. Het
was een plaats tegenover een alleenzittende vrouw en daar zat hem juist de
kneep. Uit wraak vergaten de
kelners mij te bedienen, hetgeen voor mij aanleiding was te gaan protesteren.
Ik was nogal kribbig en gauw aangebrand, wat ik aan mijn slechte
gezondheidstoestand toeschreef. Ik wilde het conflict echter niet op de spits drijven en ging
maar weer bij de familie Kursun zitten. Dat
had één groot nadeel, want in alle coupés stonden de ramen wagenwijd open.
Juist nu kon ik daar echt niet tegen en ik kon ook niet 40 mensen
verzoeken om in die hitte de ramen te sluiten.
Vandaar dat ik regelmatig de restauratiewagon opzocht, want daar konden
de ramen vanwege de airco niet open. De trein stond op gezette tijden gewoon
stil, zomaar midden op het platteland. Dorpsbewoners
schoten dan toe om in de trein hun producten aan de man te brengen (fruit, koeken, snoep) en jongetjes op blote
voeten kwamen dan om kranten bedelen. We
maakten een
omweg ten einde ook de grote industriestad Eskisehir aan te kunnen doen.
In negen uur tijd legde de trein een traject van naar schatting 550 km
af. |
|
Op advies van Orhan stapte ik een station eerder dan gepland uit. Vanuit Kadiköy, de naam van dit station in een voorstad van Istanbul, zou ik betere busverbindingen hebben met Europees Turkije. Bij het uitstappen vergat ik bijna mijn in een rol verpakte wandkaarten die ik 7 dagen lang heb moeten meeslepen. Dat was best lastig dragen: een draagtas in de ene hand, de koker in de andere hand en een schoudertas ook nog! Ik nam hartelijk afscheid van de familie en nam een overvolle bus (het was op dat ogenblik net spitsuur: 5 uur 's middags!) naar Mecidiyiseköy aan de andere kant van de Bosporus. Het was bloedheet in de bus. Via Fehnerbahce (van de voetbalclub) en Usküddar bereikten ik de Bogaz Ici Köprösü, de hangbrug over de Bosporus. Deze tolbrug functioneerde als een echte flessenhals voor het waanzinnige verkeer.
Dictee in de ijssalonAchter Besiktas (alweer: van de voetbalclub) lag het eindstation. In een zijstraatje wilde ik even bekomen van de hitte en vermoeidheid, dus streek ik neer in een drankhuis annex ijssalon. Daar leerde ik de eigenaar kennen, een zekere Tarik die zijn zaak had kunnen aanschaffen door in Keulen veel over te werken en te sparen. We hadden een leuk gesprek in zowel het Turks als het Duits. Hij gaf me een Turks dictee op, alleen losse woordjes. Tot zijn verbazing had ik slechts twee fouten. Dit vond hij een wonderbaarlijke prestatie en ik mocht onder geen enkel beding bij hem afrekenen. Kleine zelfstandige ondernemer
Met
een taxi bereikte ik tenslotte Topkapi, de wijk waar alle interregionale, maar
ook internationale bussen en touringcars hun eindstation hebben.
Ditmaal kon ik niet afdingen op de prijs. De chauffeur zei dit al bij voorbaat, op lange afstanden
waren de tarieven vastgelegd. Ik
geloofde dit niet en wilde dit zwart op wit zien en inderdaad, hij kwam met
een officieel door de gemeente Istanbul uitgegeven tarievenboekje op de
proppen. Ik zocht zelf het bedrag op: 1 500 lira, niet mis.
Het ging niet om de prijs (ik had nog veel te veel geld over!), maar om
de
ervaring en de communicatie in het Turks.
De chauffeur beviel dit
wel. De auto was
splinternieuw (een Jap geloof ik) en eigen bezit. Ik reed dus mee met een
kleine zelfstandige ondernemer! |
|
Bij
Topkapi aangekomen ging ik gauw op zoek naar een hotel.
Het werd hotel Ozvuran, gelegen achter de oude stadspoorten van
Byzantium (Topkapi betekent "Kanonnenpoort") en een van de betere
rond een pleintje gesitueerde echte Turkse hotelletjes in de prijsklasse van
300 tot 700 lira. Op het plein
werd druk handel gedreven, illegaal wel te verstaan.
Op het ogenblik dat ik aankwam hoorde ik in de verte politiesirenes
loeien, waarop de armoedige venters vliegensvlug hun boeltje inpakten en met
hun handkarren in alle windstreken vluchtten.
Het plein bleef leeg achter, bezaaid met fruit, papier en lege kisten.
De politie viste dus achter het net, maar ik verdenk hen ervan dat ze
opzettelijk zo vroeg en opvallend hun komst aankondigden. Zó lomp kan een
dienaar van Hermandad ook in Turkije niet zijn!
In de hal van het hotel werd ik al gauw aangeklampt door de zoveelste gastarbeider. Cengiz ('aus Hamburg') had er reeds enkele dagen logies gevonden en wachtte totdat iemand zijn krakkemikkige Fordbusje zou kopen. Het ding stond buiten. Eenmaal verkocht, dan zou hij met de bus naar zijn "zweite Heimat" terugkeren. Misschien zit hij nu nog te wachten op een potentiële koper, want het leek me een uiterst gevaarlijk voertuig! Cengiz wilde nog met mij uit, ik kon hem met een smoesje en de waarheid (ik was moe!) afwimpelen. Ondanks mijn vermoeidheid (ook reizen kan afmattend zijn) ging ik om 8 uur op zoek naar een apotheek .
De Turkse apotheek |
|
Een apotheek vinden is in Turkije niet zo moeilijk, ze zijn er in alle soorten en maten. Ze heten 'eczane'; met de optieken zijn het de mooiste en schoonste winkels. Ze lijken op onze drogisterijen. Het personeel ziet er meestal verzorgd uit, is terzake kundig en spreekt soms zelfs een mondje over de grens. Ik vroeg naar een beproefd middel tegen bronchitis en men verstrekte mij codicine. Het was alleen op doktersrecept verkrijgbaar, maar met enig smeergeld van mijn kant (fooi dus) verkreeg ik het zonder problemen. De eerste pillen nam ik ter plekke in. |
In
die buurt waren ook een aantal opgeschoten jongeren aan het voetballen. De
sfeer die er omheen hing deed me sterk denken aan die uit mijn jeugd toen we
in de zomeravonden op de Bult met zijn allen achter de
bletter van Akkie B. aanholden. Hier
werd stiekem aan het eerste sigaretje getrokken en werden oudere jongens
bestookt met vragen aangaande het vrouwelijke geslacht. Ik bekeek een en ander
een tijdje vol melancholie en zag dat het gekrakeel over wie er nu wel of niet
mag meespelen een internationaal fenomeen is.
Zwaarmoedig werd ik ook op de Otogar Topkapi, waar ik daarna een kijkje
ging nemen. Er was nauwelijks
licht; evenals in de Oostbloklanden heeft de energiebesparing in Turkije veel
meer greep op het avondleven dan in het steen en been klagende Europa, waar in
uitgestorven winkelcentra 's avonds nog een zee van licht is!
Er werd druk gehandeld en alles ademde weer een armoedige Oosterse
sfeer met talloze venters, schoenpoetsers, mobiele eetkraampjes, smekende
bedelaars; het was er kortom een drukte van belang.
In een smerig achterafcafeetje, waar schijnbaar alleen de haveloze
kooplieden kwamen, zat ik een uurtje te mijmeren over dit alles.
Voor 5 consumpties o.a. een relatief duur mandarijnensapje, moest ik
zegge en schrijve Fl 1,05 afrekenen! Op
deze manier zou ik nooit van mijn geld afraken.
Een koortsige nacht lang woelenOm half elf was ik weer in het hotel. Aan de balie bestelde ik een schoon glas met enkele flesjes mineraalwater en ik toog naar mijn privévertrek op de vierde etage. Mijn keel voelde aan als rauwe biefstuk en ik sprak zo schor als een kraai. Ik moest ervoor zorgen dat ik enigszins fit was tijdens de lange en waarschijnlijk onaangename terugreis. Ik slikte dus mijn medicijnen en kroop tussen de lakens. Het werd een verbijsterend lange nacht. Ik kon de slaap niet vatten en verloor deciliters zweet. Ik moest nog een keer overgeven, waardoor de geslikte pillen niet het beoogde effect konden sorteren. Nieuwe pillen innemen met het laatste flesje mineraalwater was dus noodzaak. Tot 2 uur heerste er buiten een gezonde vitaliteit. Overmand door ellende en vermoeidheid viel ik tegen zessen (de eerste handkarren ratelden alweer door de met klinkers geplaveide straatjes) in een diepe droomloze slaap. Het werd tijd dat ik weer eens thuis kwam... |
|
Om
9 uur werd ik weer wakker, enigszins paniekerig want ik kon geen lucht
krijgen. Mijn luchtwegen zaten
vol slijm en troep en het duurde een tijdje voor ik alles verwijderd had. Het beloofde een bloedhete dag te worden, want de voortekenen
hiervoor bedriegen zelden. Zo was
de lucht strak blauw en de atmosfeer nu al klam en broeierig.
Voor deze dag had ik een uitgebreid programma opgesteld, uiteindelijk
zou het mijn laatste dag in Turkije zijn. Met de dolmusj ging ik naar het
centrum. Allereerst zocht ik een
fotozaak op, waar ik mijn teveel aan nog in de verpakking zittende
flitslampjes wilde slijten. Ik had ze voor fl 18,- (= L 1.000) in Nederland aangeschaft.
In Turkije kostten ze nieuw L 1.600. De fotograaf had belangstelling, dat wist
ik vooraf al. Ik vroeg L 1.000,
maar hij bood slechts 400. Ik
zakte tot 800, maar hij bleef bij zijn 400.
Toen richtte ik me verwensingen slakend tot andere klanten, de
fotograaf als een uitzuigen bestempelend. Resultaat, hij bood 500. Ik zakte tot 700, maar opnieuw hield hij zijn been stijf en
herhaalde hij zijn aanbod van 500. Diep
beledigd draaide ik me om en met veel misbaar begaf ik me naar de uitgang.
Toen ik op de drempel stond, riep hij me terug.
Nu bood hij 600. Daar ik
het spelletje moe was ging ik hiermee akkoord.
De omstanders keken geamuseerd toe, want alles had zich nogal komisch
afgespeeld vanwege mijn gastarbeider-Turks.
|
|
|
INFO IN HET DUITS:
Istanbul, Metropole dreier WeltreicheIstanbul, Metropole und Kapitale dreier Weltreiche, Schmelztiegel verschiedener Kulturen, einzige Stadt auf zwei Kontinenten. Das römische Reich und seine Kultstätten gaben die Fundamente für Konstantinopel, Hauptstadt des byzantinischen Reiches, worauf die Osmanen ihre Herrschaft mit ihren Monumenten gründeten. Alt-Istanbul liegt auf einer Halbinsel in Dreiecksform, umspült von Bosporus, Goldenem Horn und Marmarameer. Die Altstadt von Istanbul, ausgelegt auf sieben Hügeln wie Rom, gilt nicht nur mittelalterlichen Dichtern als Augapfel aller Städte. Ungebrochen zieht sie Menschen in ihren Bann wie eine Fata Morgana am Schnittpunkt von Orient und Okzident. Das historische Istanbul auf der Landzunge zwischen Goldenem Horn, Marmarameer und Bosporus scheint wie keine andere Metropole dazu bestimmt, Ost und West in eine Synthese zusammenzuführen, wie es Goethe im "West-östlichen Diwan" vorschwebte: "Sinnig zwischen beiden Welten, sich zu wiegen, lass ich gelten, also zwischen Ost- und Westen sich bewegen, seis zum Besten." Daten & Fakten Kulturdenkmal: Historische Bereiche von Istanbul UNESCO-Ernennung: 1985 um 658 v. Chr. Gründung von Byzanz als griechische Kolonie 196 n. Chr. Eroberung durch römische Verbände von Septimius Severus 324 Einzug Konstantins I., des Großen (272 / 73 oder 280(?) - 337) 11.5.330 Einweihung der neuen Stadt »Nova Roma«, des späteren Konstantinopels 395 Hauptstadt des Oströmischen Reiches / 527-36 Bau der Sergios- und Bakchoskirche 532 Bau der Hagia Eirene / 532-37 Bau der Hagia Sophia 1204 während des 4. Kreuzzugs Einnahme durch Kreuzfahrer 1453 Eroberung durch die Osmanen 1609-16 Bau der Sultan - Ahmet - Moschee, genannt »Blaue Moschee« 1923 Verlust der Hauptstadtfunktion 1934/35 Umgestaltung der Hagia Sophia in ein Museum |
In
de Pamukbank waar ik mijn restant ter waarde van 70 keiharde Nederlandse
guldens aan Turks geld wilde wisselen, kreeg ik nul op mijn rekwest.
Ik diende me voor wisselen in vreemde valuta tot het hoofdkantoor in
Beyoglu te wenden. Ik kreeg het
gevoel dat ik van het kastje naar de muur gestuurd werd (in Ankara was het me
ook al twee keer mislukt!), maar besloot toch 's middags tijd uit te trekken
voor dat hoofdkantoor. Een
Amerikaan en een Hollander schenen dezelfde problemen te hebben. Toen ik tot de laatste het woord richtte om hem te helpen,
keek hij verbaasd op. "Hee,
jij spreekt Nederlands," constateerde hij gevat, "Kom je soms uit
België?" "Nee," antwoordde ik, "ik kom uit
Zuid-Nederland."' Zou hij echt een Limburgs accent niet van een Vlaams
kunnen onderscheiden? Waarschijnlijk niet.
Terugreis herbevestigen niet nodig
Op
weg naar de beroemde moskeeën sloeg ik leesvoer voor onderweg in: "Frankfurter
Allgemeine Zeitung", "The Guardian",
"Le Monde", "Newsweek"
en "Time". Aan het Aya Sophia-plein lag een kantoor van Magic Bus.
Gezien mijn eerdere ervaringen op de heenreis ging ik hier voor alle
zekerheid toch maar even informeren of de bus de volgende dag inderdaad zou
vertrekken en zo ja, op welke plaats en welk tijdstip. Men verzekerde mij
("Men" was een Amerikaanse neger die blijk gaf zes talen vloeiend te
spreken!) dat ik mij geen enkele zorg hoefde te maken.
Ondanks die geruststelling bleef ik me ten aanzien van die reis niet op
mijn gemak te voelen. En
inderdaad bleken ook hier mijn voorgevoelens me niet te bedriegen.
Aya Sophia MuseumDrie weken tevoren had ik bij de Aya Sophia een zeer mismaakte jongeman ontdekt (min of meer tot aan zijn buik geamputeerd) die oude Turkse munten verkocht. Aangezien ik Frans, zwager van mijn broer Corné beloofd had munten voor hem mee te brengen, ging ik die kant op. Ze waren relatief duur, dertig gulden, maar belofte maakt schuld, dus schafte ik ze toch aan. Overigens, de Aya Sophia is de op drie na grootste kerk ter wereld gebouwd tussen 325 en 360 door Keizer Constantijn, herhaaldelijk verwoest door aardbevingen, beroofd door plunderaars waaronder de Christelijke Kruisvaarders, gebruikt als moskee, maar in de dertiger jaren omgevormd tot museum, wat het nu nog steeds is. De Turken waren bij de verovering van Byzantium zo verstandig om het gebouw niet te vernietigen. Zo'n staaltje van eerbied voor een cultureel monument kun je bepaald niet alle volkeren toeschrijven. |
|
|
Hagia Sophia Prachtig
Byzantijns gebouw, een voormalige christelijke basiliek De schitterende basiliek Hagia Sophia ('heilige wijsheid') is een van de kroonjuwelen van Byzantijnse architectuur. Het uiterlijk weerspiegelt de lange en roerige geschiedenis in dit deel van de wereld. Het gebouw veranderde van een vroegchristelijke in een oosters - orthodoxe kerk, voordat de invallende Osmaanse Turken het in 1453 veranderen in een grote moskee. In de jaren 30 van de vorige eeuw werd het een museum. Tussen de 4e en 6e eeuw waren er al twee grote kerken op deze locatie gebouwd en vernietigd, voordat de 6e-eeuwse Byzantijnse keizer Justinianus I een derde liet bouwen - de basis van het huidige gebouw. De kerk werd een toepasselijk pronkstuk voor zijn keizerlijke hoofdstad Constantinopel (het huidige Istanbul). Door de eeuwen heen leidden diverse problemen, zoals het meermaals instorten van de koepel, in meer of mindere mate tot herstelwerkzaamheden. Al worden deze incidenten deels toegeschreven aan fundamentele constructiefouten, het kan niets afdoen aan de ongelofelijke visie, durf en schaal van dit gebouw. Men zegt vaak dat de enorme centrale koepel - meer dan 55 meter hoog en ruim 30 meter in doorsnee - boven het schip lijkt te zweven. Dit effect is deels bereikt door talrijke venstertjes aan de voet van de koepel, die het interieur overspoelen met magisch licht. Het effect wordt versterkt door het ribvormige ontwerp van de koepel en het feit dat hij rust op vier grote stenen driehoeken in plaats van op de gebruikelijke rechthoek. De driehoekige bouwelementen dragen het gewicht voordat het wordt overgebracht op de enorme stenen pilaren. De minaretten hebben islamitische inscripties en het gekleurde marmer en de weelderige mozaïeken zijn afkomstig uit de christelijke tijd. Verdere restauratie is lastig gebleken omdat moslims de 'afgodische' mozaïeken hebben overdekt en die bovenlaag kan bij verwijdering beschadigd raken. |
![]() |
![]() |
In
de nabijheid ligt het wereldberoemde paleis van de oude sultans, het serail
Topkapi (niet te verwarren met het autobusstation).
Drie uur lang dwaalde ik er rond.
In 1980 had ik het paleis reeds eenmaal bezocht, maar dat bezoek duurde
slechts een uurtje. Het paleis
werd in 1478 voltooid, tot 1855 was het residentie van de sultans. Daarna werd het Dolmabahce-paleis aan de Bosporus
residentie (ook bezocht in 1980, vanuit Roemenië met een ééndaagse
reis). Het is een zeer uitgebreid
complex van gebouwen, nu onder meer musea, schatkamers (van de voormalige
kroonjuwelen), toonkamers, harems, binnenhoven, kiosken en erkers die
uitkijken over de Bosporus, kerken en moskeeën.
Ik bezocht er achtereenvolgens de porseleinverzameling (kontakten met
China!), het binnenhof, de schatkamers (voor miljarden guldens aan
kostbaarheden als kronen, gouden bedden, flessen bewerkt met edelstenen,
zwaarden ingelegd met topazen, smaragden, etc.) en het restaurant, waar ik
niets at maar alleen dronk. Dit was de derde dag dat ik min of meer aan het vasten was,
enkele vruchten zoals appels uitgezonderd.
|
|
![]() |
Vanuit het Topkapi-paleis nam ik de bus naar het Taksim-plein om in de buurt daarvan het centrum van de banken op te zoeken. Aan een willekeurige voorbijganger vroeg ik de weg. Hij wist het ook niet, maar hielp me toch. Hij sprak redelijk Engels (en wilde dus met mij oefenen), 19 jaar oud en op zoek naar werk, want als oudste zoon moest hij zijn werkeloze vader bijstaan in het onderhouden van het 7-koppige gezin. Hij zocht een baantje in de horecasector, waar hij zijn kennis van het Engels kon gebruiken. Door hem kon ik doordringen tot het Mekka van de Pamukbank. Daar kreeg ik een koude douche zonder weerga te verwerken. Men weigerde mij geld te wisselen omdat ik zogenaamd niet genoeg in Turkije had opgemaakt. Dat laatste zou wel eens kunnen kloppen; met al die gastvrijheid en die bespottelijk lage prijzen heb je helemaal niet de gelegenheid daartoe. Het kwam erop neer dat ik luxehotels had moeten nemen en zo.
Ik zou en moest echter Duitse marken hebben, anders zou ik mijn visum
aan de Bulgaarse grens niet kunnen kopen, evenmin als andere dingen onderweg
zoals eten en drinken. Enfin, het
duurde een half uur voordat ik met bluf, grappen (bijv. het overgebleven
Turkse geld op de grond smijten en er op trappen om aan te tonen dat ik er
toch niets anders mee kon doen) en koppige volharding tot de algemeen
directeur werd toegelaten. Met hem kon ik een deal maken, zodat ik
uiteindelijk toch aan mijn Duitse marken kwam.
In een half uur tijd had ik het hele kantoor in rep en roer gebracht.
Er waren geen loketten en er stonden pal achter de lange balie zo'n tien
schrijfbureaus waarachter de klerken met belangstelling mijn show gadesloegen;
een welkome afleiding voor hen. Bovendien
ging hun directe chef af, op order van zijn directeur moest hij me alsnog geld
wisselen. De directeur had ik gechanteerd met het vooruitzicht dat ik
in Nederland de pers zou inschakelen om de reisbureaus te bewerken,
antireclame tegen vakantie in Turkije zou aanzwengelen en zijn naam zou noemen
als boosdoener die al die anti-Turkse activiteiten op zijn geweten had.
Nou, de staat Turkije zit dringend verlegen om vreemde valuta.
Dé bron om eraan te komen zonder echte tegenprestatie te leveren (in
productie bedoel ik) vormt natuurlijk het toerisme.
Om hem te intimideren sprak ik opzettelijk vijf talen dooreen tegen
hem. Mijn tactiek was in ieder geval succesvol en zegevierend verliet ik de
bank, echter niet na me poeslief bij alle beambten die ik uitgescholden had te
verontschuldigen, met name bij de dames van het gezelschap.
Cafer,
de Turkse jongen die me de weg had gewezen, stond perplex.
Hij had zich tijdens het hele spektakel afzijdig gehouden en terecht,
het zat erin dat hij als medeplichtige van mij werd aangewezen, voor hem was
mijn gedrag dan ook veel riskanter dan voor mijzelf. Ik bood hem een cola op een terrasje aan en wij oefenden nog
wat Engels. Vreemd genoeg
verstond hij mijn Turks vaker niet, blijkbaar was hij te veel gefixeerd op
mijn Engels. Na hem nog veel
succes toegewenst te hebben met zijn pogingen om werk te vinden, sprong ik in
de bus naar Topkapi Otogar. Na enig zoeken vond ik het kantoor van Bosfor, de
busonderneming waarmee ik naar München reisde. Er zijn daar honderden
reisagentschappen vertegenwoordigd die elk voor zich reclame maken.
Tussen die bonte opschriften, duizenden reizigers en honderden bussen
vond ik uiteindelijk het kantoor dat ik zocht.
Daar verzekerde men mij nogmaals dat ik niet hoefde te reserveren voor
de volgende ochtend. Als ik er om
zeven uur was zou er geen enkel probleem zijn.
Nog steeds niet gerust sloeg ik in een belendende winkel enkele
souvenirs van Turkije in: cassettes, rozenwater, lucifers, stickers.
Heimweegevoelens
Om
een uur of zes betrad ik mijn hotel. Ik
maakte een praatje met de receptionist en drukte hem op het hart me de
volgende dag om 6 uur te wekken. Hij
zou het beslist niet vergeten, zeker niet nadat ik hem een biljet van L 100 in
de hand gedrukt had. Ik sloeg
alvast wat mineraalwater (ik at niet, dus moest ik extra veel drinken!) in
voor die nacht en uitgeput strekte ik mijn moede ledematen uit op bed. Ik
voelde mezelf een wrak. Er stonden mij ook nog nieuwe bezoekingen te wachten, want pijnscheuten
doorkliefden op gezette tijden mijn rug en op mijn rechterwijsvinger kondigde
zich een ontsteking aan. Langzamerhand raakte ik ook mentaal aangeslagen.
Steeds meer en sterker begon ik naar huis te verlangen, maar dat kon
ook gelegen hebben aan het normale gevoel dat je kan overvallen bij het besef
op het einde van een reis dat je bijna thuis bent.
Het ruiken van de stal dus, hoe smerig en onaantrekkelijk die stal ook
mag zijn. |
|
In
ieder geval bleef ik tot acht uur wat rusten, waarna ik naar de illegale markt
ging om eet- en drinkbare souvenirs in te slaan.
Ik kocht worst, kaas, crackers en appels voor onderweg (alleen de
1aatste twee at ik op, de rest smeet ik weg omdat ze na twee dagen
toptemperatuur bedorven waren). Verder
kocht ik twee flessen raki aan een drank- en sigarettenkiosk.
Bij dit "büfet" sprak ik voor mijn doen weer uitstekend Turks;
eerlijkheidshalve moet ik toegeven dat het steeds geijkte gesprekken betrof
die ik inmiddels in het Turks kon dromen: "Hoe heet je?
Waar kom je vandaan? Hoe
oud ben je? Ben je getrouwd? Wat
doe je voor de kost? Waar heb je
Turks geleerd? Waar ben je
geweest in Turkije? Wat vond je
het leukste? Bevalt Turkije
je?" Op dit laatste antwoordde ik altijd genuanceerd.
Ik stelde de tegenvraag: wat van Turkije?
De vrouwen, de mannen, het weer, het eten, de gastvrijheid?
Om negen uur kwam ik terecht op een terras om wat thee te drinken. Ik had best de gelegenheid om naar een nachtclub te gaan, maar voelde mij daartoe niet in staat. Op dat terras kreeg ik contact met de patron van de zaak, een kleine dikke Turk met een snorretje, Hij kwam uit Malatya. Dit laatste zei hij uitdrukkelijk, hoewel hij al veertig jaar in Istanbul woonde. De provincialen verloochenen hun afkomst nooit! Erkan, zo heette hij, werd vertrouwelijk en begon te klagen over zijn zoon die allerlei onmogelijke materiële eisen stelde aan hem. Als door de duivel geroepen verscheen zijn zoon enige tijd later ook op het toneel, samen met een vriend die elektricien was. Hij had een "spotgoedkope" tweedehands auto ontdekt die zijn vader dan maar voor hem moest aanschaffen. Erkan draaide zich naar mij om en zei berustend: "Zie je wat ik bedoel?". De elektricien (geen diploma, alles praktijk!) bleek goed in aardrijkskunde te zijn, dus werd er ter plekke een wedstrijd georganiseerd in kennis van hoofdsteden en zeestraten. Ik hoefde niet mee te doen, als "ögretmen" (onderwijzer) moest ik jury spelen. Uitnodigingen van hen om samen te eten moest ik helaas afslaan; ik voelde me te beroerd. Toen zij het voorstelden kreeg ik al braakneigingen. Ook nu hoefde ik niet de beurs te trekken, waardoor ik me ietwat gefrustreerd voelend weer naar het hotel begaf. Daar pakte ik mijn bagage goed in en maakte ik koortsig de rapportage die nu voor u ligt af.