|
|
SIVAS, STAD OP DE HOOGVLAKTERoutekaart Kayseri - Sivas
Dag
19
|
Door de korenstreek op de vlakteOm een uur of elf verliet ik het hotel na een fikse rekening betaald te hebben. Bij het oorspronkelijke bedrag werden allerlei toeslagen berekend, zodoende. Op het terras van het busstation dronk ik mateloos thee vanwege mijn buikloop. De bus naar Sivas vertrok om twaalf uur punctueel. Mijn buurman in de bus was een jonge kerel, die stonk als een otter. Hij was ook een beetje kierewiet en ik voelde me opgelaten in zijn gezelschap. Gelukkig liet hij me na enkele vergeefse contactpogingen met rust, ik verstond hem trouwens toch niet. Misschien had hij wel een spraakgebrek.
De reis, die op
zichzelf onaangenaam was (keiharde vervelende muziek, voortdurend toeterende
en scheldende chauffeur, slechte weg en ongemakkelijke zitplaats), gaf een
goed beeld van het hoogland. Er
wordt hier veel tarwe verbouwd, maar alleen door de grootgrondbezitters. De
kleine boeren zijn ook hier traditionele "have-nots". Halverwege
werden we aangehouden door een jonge herder.
Hij gaf de chauffeur een bepaald bedrag, deze maakte de bagageluiken
open en hup, drie schapen werden erin gedreven.
In Sivas, waar we om half vier aankwamen, werden ze door iemand anders
opgehaald. In de bagageruimte lag
stront tussen de koffers en tassen. |
|
Om
vier uur had ik al onderdak gevonden en wel in het Divan Oteli aan de Atatürk
Caddesi. Direct ging ik in Sivas
op verkenning uit. De diarree
speelde me gelukkig geen parten meer. Sivas
heeft zo'n 170.000 inwoners, maar lijkt meer op een fors uit de kluiten
gewassen dorp. In een lokanta at
ik schapenvlees met speciaal brood en blokjes kalfsvlees met aardappels.
Na de maaltijd kreeg ik een sigaret toe.
In het centrum krioelde het van de paardenkarren.
Geduldig stonden ze bij groothandels en bij de markt op vrachtjes te
wachten. Met kleine versieringen (beschilderingen) hadden ze hun
karren een persoonlijk cachet gegeven. Ook
waren hier weer de menselijke muilezels, de sjouwers, aanwezig.
Het lijkt me het zwaarste beroep in Turkije lasten van 75 tot 100 kg
vormen geen uitzondering en dat kilometers lang! Sivas is het centrum van de
Turkse sjiieten, de alevieten genaamd. Ze zijn verwant aan hun Iranese
sjiietische broeders, maar zijn veel vrijer in hun geloof.
Er wordt meer alcohol gedronken, hun vrouwen zijn minder aan banden
gelegd en men is er over het algemeen vrolijker.
Haas en konijn is voor hen een verboden spijs.
Ze vormen in Turkije een minderheid die aan bepaalde vormen van
onderdrukking blootstaan. Als
gevolg hiervan hebben vele jongeren hier de kant van de linkse partijen
gekozen en zijn aldus in de terroristische en separistische hoek beland.
Hiermee is het grote aantal tot de tanden bewapende militairen
verklaard die daar dag en nacht patrouilleerden in de straten van Sivas.
Het placht een broeinest van agitatie en verzet te zijn.
|
Even
voor sluitingstijd glipte ik nog een medresse annex museum binnen. Het betrof de Gök Medrese (Blauwe Koranschool), vooral de
rijk bewerkte Seldzjoekische gevel vond ik bewonderenswaardig.
De belendende moskee liet ik voor wat ze was.
Ik wandelde wat rond en stootte plotseling op een "tourist
information bureau". Hoewel
ik genoeg geïnformeerd was, betrad ik het kantoor toch om eens wat rond te
neuzen in hun folders. Misschien
trof ik er nog interessante foto's of plattegronden aan.
Ik vond wat ik zocht: een plattegrond van Ankara.
De employé sprak uitstekend Frans; hij had in Luik en Namen
gestudeerd. Ik maakte een praatje
met hem in het Frans. Natuurlijk kwam ik ook weer op de markt uit, die hier
merkwaardigerwijs de Hal heette, ongetwijfeld genoemd naar de Parijse Hallen. Ik kocht er sterk ruikende kaas, die beloofde dus extra
smakelijk te zijn! Aan een
stalletje sloeg ik een zestal flesjes mineraalwater en een literfles raki in.
Dat was voor 's avonds op bed bedoeld.
De verkoper kwam uit Nigde, een stad meer in het zuiden.
Hij heette Fuat en was vroeger schoolmeester geweest.
Hij sprak wat Engels. Hij
had bewust ontslag genomen uit het onderwijs, vertelde hij, omdat hij met zijn
stalletje vol snoepgoed, sigaretten, geschenkjes, ansichtkaarten, bier en
alcoholica veel meer kon verdienen dan op een of andere dorpsschool. Ik bleef wel een half uur bij zijn kraam staan. |
|
Ik
bracht mijn inkopen naar het hotel, betaalde daar alvast vooruit (wat me
verwonderde blikken opleverde) en begaf me naar een çayhane, waaraan ook een
theetuin verbonden was. Daar
hield ik onder het genot van Tuborg mijn aantekeningen bij.
Sommige mannen probeerden contact te krijgen, maar daar had ik niet
veel zin in. Meestal zijn het
degenen die wat Duits spreken. Als
ik laat blijken dat ik wel Duits spreek, maar anti-Duits gezind ben, loopt het
gesprek een stuk soepeler. Ze
menen dan een bondgenoot gevonden te hebben.
Duitsland staat momenteel in Turkije slecht aangeschreven vanwege de
anti-Turkse, zeg maar hetzerige stemming die daar momenteel heerst. Een stuk
verderop lag een hele chique theetuin. Ik
werd er echter niet toegelaten. Het
was een besloten club en alleen bestemd voor legerofficieren.
Op dat ogenblik was er blijkbaar een hoog geplaatst personage op
bezoek, want er speelden zich ceremoniële activiteiten af. Ik bleef nieuwsgierig bij de ingang wat dralen om meer aan de
weet te komen. Ik had blijkbaar
achterdocht opgewekt, want een kwartier lang werd ik door een forse man in
jack achtervolgd, tenminste ik had de indruk dat ik door hem geschaduwd werd.
Ineens was hij tot mijn opluchting verdwenen.
Bij het hotel klampte een man met een klein meisje me aan.
Hij gaf me het visitekaartje van zijn vriend in Istanbul die de beste
tapijtshop in het Midden-Oosten bezat, tenminste dat
beweerde hij. Een
vriendelijk heerschap vond ik hem. Op mijn kamer waste ik mijn vuile sokken,
ondergoed en hemden. Met kramp in mijn handen begon ik daarna aan de raki.
Te vlug zoals later bleek.
![]() |
![]() |
|
Ik
had inderdaad te diep in het glaasje gekeken: er resteerde slechts een
bodempje in de literfles raki. Het
aromatisch kaasje had ik wel helemaal soldaat gemaakt.
Het verwonderde me dus niet dat ik met een 'kater' opstond.
Om 11 uur was ik genoeg opgeknapt om weer op pad te gaan.
In een soort gaarkeuken bestelde ik veel uien, tomaten en gekookt
schapenvlees. Bij het postkantoor
voorzag ik me nog van enkele ansichtkaarten en postzegels voor kennissen die
ik nog niet geschreven had. Bij de belendende bank, de bekende Pamukbank die
evenals alle andere grote bankinstellingen ontstellend veel reclame op radio
en t.v. maken, wisselde ik DM 400 om. In
Nederland is zo'n transactie zo gepiept, hier zag ik mijn aanvraagformulier
van het ene bureau naar het andere verhuizen.
Na een half uurtje was het formulier weer in mijn bezit, vol
handtekeningen en stempels. Bij
de kassa kon ik mijn Lira 25.000 opnemen.
Terwijl ik stond te wachten en met oprechte belangstelling de
vrouwelijke employés aan een kritisch onderzoek onderwierp (met een gunstige
uitslag; de meisjes in d.ie Turkse banken zien er zonder uitzondering modern
en fris uit) raakte ik verzeild in een gesprek met de directeur, die me mijn
mening vroeg over de "Times' History of the World Atlas" dit hem
door een vertegenwoordiger aangeboden was.
Nou, dat boek heb ik zelf ook, dus waarom zou ik het niet aanprijzen?
Het probleem was dat de directeur de Engelse taal niet machtig was, hij
sprak Duits tegen mij. Het wekte
dus geen verbazing dat hij het niet kocht.
De vertegenwoordiger, die er stilzwijgend bij stond, keek mij ten onrechte vuil aan toen hij zijn hielen lichtte. |
|
Stad van karavaanserailsDie middag had ik speciaal gepland voor een tocht langs de bezienswaardigheden van Sivas, veelal afkomstig uit Seldsjoekische tijden. In 1400 werd de stad volledig uitgemoord door de Aziatische veroveraar Timoer. Slechts langzaam kwam deze voormalige karavaan-serail deze verschrikking weer te boven. Toen het aansluiting kreeg op de spoorweg Ankara - Erzurum begin deze eeuw kreeg het de kans zich te ontwikkelen tot een industrieel centrum. Ik bezocht achtereenvolgens de Ulu Camii (Grote Moskee uit het jaar 1200 met een pilarenhal). De Cifte Menare Medrese, de Sifaye Medrese (destijds ook als ziekenhuis ingericht) en het Atatürk Museum (gevestigd in een leegstaande middelbare school). Hier riep Atatürk in 1921 een Congres bijeen om de Turkse eenheid te smeden in de strijd tegen de oprukkende Griekse troepen. Na een nog belangrijker Congres in Erzurum werd de nagestreefde eenheid een feit en konden de tot voor Ankara genaderde Grieken met succes tot staan worden gebracht en teruggedrongen, helemaal tot Izmir. De Turkse generaals, pasja's en godsdienstige leiders vergaderden toen in de schoolbanken! De gids die me gratis toegewezen was, glom nog van trots bij het tonen van vergeelde foto's en zorgvuldig geconserveerde kledingstukken van de bewierookte Vader der Turken. In het gastenboek ontdekte ik dat er die dag een drietal Groningers vóór mij op bezoek waren geweest. In deze streken kon je hier en daar toch nog eens een toeristische tegenwoordigheid bespeuren. |
|
|
De Turkse taal |
|
Die avond studeerde ik tot één uur 's nachts Turks. Eigenlijk was dit pas de tweede keer dat ik meerdere uren besteedde aan serieuze bestudering en oefening van de Turkse taal, een ogenschijnlijk moeilijke, declinerende taal, in de verte verwant aan het Hongaars en het Fins. Zij kent vele verbuigingen en talloze achtervoegsels. Je komt er woorden in tegen die uit 9 verschillende stukjes bestaan: kernwoord. basispersoonsuitgang, tijd, vraagvorm, ontkenning, "voor"-zetsel (ze hebben alleen achtervoegsels!), meervoud, waarschijnlijkheid en nog meer mogelijke categorieën. Het alfabet bestaat uit 29 letters die allen slechts één vaste uitspraak hebben. Een verademing als je dit vergelijkt met bijvoorbeeld de Nederlandse "e", die 3 uitspraakmogelijkheden heeft. Verder is er een klinkerharmoniewet die simpel in elkaar zit. Het Turks heeft een consequente, logische grammatica die weinig uitzonderingen kent. |
Twee maal werd mijn studie onderbroken. Een keer klopte een poetstvrouw; ze vroeg of ze van mij op een papiertje wat Nivea - crème mocht "lenen"' Bij het schoonmaken van mijn kamer had ze het potje ontdekt, maar onaangeroerd gelaten. Typisch Sivas, alleen in deze stad wagen vrouwen het om vreemde mannen aan te spreken. De tweede keer wilde de receptionist twee landgenoten aan me voorstellen, een paartje uit Gouda.
NB Sivas is de stad waaruit de PvdA - staatssecretaris Albayrak vandaan komt (2008-2010).